Home | Gastenboek | Links | Contact | Sitemap
Sint Pieterskerk Rosmeer
  • Geschiedenis
• Kerk Sint Pieter
• Pastoors
• Geestelijken
• Sacramentsprocessie

 

 

Jan Van Cosen was kluizenaar in Oetsloven

De kluis is ondertussen afgebroken en vervangen door een sacristie bij de mooie kapel uit de 17de eeuw. Het loont echt de moeite deze te bezoeken. Daar leefde de kluizenaar Jan Van Cosen, geboren in Rosmeer.

Kapel van  OetslovenZijn geboortedatum is moeilijk te bepalen, omwille van de summiere gegevens die wij vinden in het oude doopregister van de hand van pastoor Notté.

Wij vinden 2 verschillende personen die zo heetten (let niet op de verschillende schrijfwijzen voor de naam) en waarschijnlijk onze kluizenaar kunnen zijn: ‘1786 ap. 25 Joês Joîs Vancoosen Cath. Heynen’ en ‘1776 9 mart. Joês Henrici Vancoosen Mariae Agnetis Thoma’.

Jan zou dus de zoon kunnen zijn van Jan Vancoosen en Catharina Heynen en geboren zijn op 25.04.1786 en zou dan 62 jaar geworden zijn ofwel de zoon van Hendrik Vancoosen en Maria Agnes Thoma en geboren op 09.03.1776 en zou dan 72 jaar geworden zijn. Maar volgens een stokregister van de Kerkfabriek was Jan Van Cosen, eremijt, de zoon van Jan Van Cosen en zijne huisvrouw.

Onze kluizenaar is dus geboren in Rosmeer op 25.04.1786. In het parochieregister van pastoor Arnold Kerkhofs duikt zijn naam tweemaal op: op p. 111 (36): Jan van Coosen, eremijt te Otsloven (Loon) heeft gelaten bij testament van 1846 25l 00c roggerent op 14a 15c in het Weyerken Rt 1. Pieter Franssen 2. Leonard Willems 3. den testateur Jan van Cosen (3½ roeden l).

En verder op p. 178V°: 1849 stierf Jan van Cosen uit Rosmeer bij de kapel te Berlingen (Oetsloven) die hier 2 zingende missen sticht. Er was inderdaad een stichting voor hem op 14 januari 1846 (nu na de reducties opgenomen in één stichting voor overledenen in januari).

Kluizenaars waren per definitie geen arme mensen. Jan had immers bezittingen in Rosmeer.

Het hoger vermelde boek over kluizen en kluizenaars op p.7 zegt ons het volgende over de kluizenaars: ‘Volgens het woordenboek van Van Dale is een kluizenaar een man die in een kluis woont en die uit godsvrucht zich daarin van de wereld heeft afgezonderd.

De geschiedenis van de Limburgse kluizenaars leert ons dat deze bepaling niet volledig is. Er bestonden immers, zoals in Achel, ook gemeenschappen van kluizenaars. Zij onderscheidden zich van de kloosterlingen doordat ze niet één van de erkende kloosterregels volgden. Ook is de afzondering van de wereld een relatief begrip. Menig kluizenaar deed zich opmerken door zijn sociaal engagement’.

terug

 
 
Website: Copyright Heemkundekring Rosmeer - Alle rechten voorbehouden